|
|
|
|
GEGRATINEERDE
COQUILLES |
Verwarm de oven
voor op 200 °C.
Maak de coquilles schoon: steek een scherp mes bij
het scharnier in de opening
en snijd de sluitspier door. Doe dit ook aan de
andere kant van het scharnier.
Open de schelp en snijd de coquille los. Schep de
witte coquille uit de schelp
en maak de schelp verder leeg. Was de diepe
schelphelften af en maak ze droog.
Overgiet de zeekraal met kokend water, laat dit goed
uitlekken.
Verkruimel het sneetje brood heel fijn (in de
keukenmachine) en meng de olie
erdoor.
Leg de diepe schelphelften op een bakplaat en
verdeel de zeekraal erover. Snijd
de coquilles in drie plakken en leg ze op de
zeekraal en leg de tomaatjes
eromheen.
Roer in een kommetje de slagroom los met het
kerriepoeder, de Parmezaanse kaas
en het bieslook. Schep dit over de coquilles.
Schuif de bakplaat in de oven en laat de coquilles
in 4-6 minuten goudbruin en
bijna gaar worden. Zet de schelpen op bordjes en
serveer direct. |
|
 |
|
4 coquilles in de
schelp
50 g zeekraal
1 sneetje oud witbrood
1 eetlepel olijfolie
6 kerstomaatjes, gehalveerd
4 eetlepels slagroom
1 theelepel milde kerriepoeder
2 eetlepels geraspte Parmezaanse kaas
2 eetlepels fijngeknipt bieslook |
|
|